Actueel: Uitgelicht: NVAF
“Onze mensen zijn trots op hun werk en hun bedrijf. Maar het werk spreekt niet tot de verbeelding. Als je vertrekt zie je er weinig van terug. Wat paalkoppen die kapot worden gemaakt. En als de aannemer de fundering heeft gestort is alles weg.”
Aan het woord is Henk de Koning, secretaris van de NVAF (Nederlandse Vereniging Aannemers Funderingswerken). Zijn vereniging behartigt de belangen van de bedrijven die in het funderingswerk zitten. Een kleine, maar hechte sector waarin zo’n 1500 mensen actief zijn. Funderingsbedrijven werken voor de bouw en de infra. Vandaar dat het secretariaat van de NVAF in 2002 gekozen heeft voor het Bouw & Infra Park in Harderwijk als vestigingsplaats.
Wat doen de leden van de NVAF? Die zijn o.a. te vinden op grote projecten, zoals de Tweede Maasvlakte bij Rotterdam, de Zuidas in Amsterdam en de overkapping van de A2 bij Utrecht. Die leveren veel werk op. Bijzondere bouwwerken met straks onzichtbaar funderingswerk. Maar ook op kleine projecten zoals woningbouwplannen. We kennen wel de grote machines met hun heiblok. Of de kleine mobiele machines die tot in de achtertuin van een woning kunnen komen. We herinneren ons ook nog de heiblokken met hun harde klappen, stoom en oliespatten. “Dat laatste is grotendeels verleden tijd”, zegt De Koning. “In onze sector wordt veel aan vernieuwing gedaan. De vroegere dieselblokken zijn vervangen door hydraulische blokken, die geluidsarm en trillingvrij zijn. Daarmee behoren scheuren in wanden van omringende gebouwen meestal tot het verleden. Gelukkig maar, want er wordt steeds meer in binnensteden gebouwd. Voor funderingsherstel, bijvoorbeeld langs de Amsterdamse grachten, zijn kleine lichte machines ontwikkeld.”
Uitdagingen “Bij een machine werken twee tot drie mensen. In ieder geval een machinist/heibaas en iemand onder de stelling, de funderingswerker. Een uitvoerder komt af en toe langs op het werk. Het funderingswerk is hi-tech en innovatief, maar het is toch moeilijk om voldoende personeel te vinden”, zegt De Koning. “Nieuwe mensen in de sector hebben vaak een ander beroep gehad of hun school niet afgemaakt. Dat komt ook omdat je tot 18 jaar niet onder de stelling mag staan.”
Samen met Fundeon zijn nieuwe competentiegerichte opleidingen ontwikkeld, waarbij de praktijk een duidelijke plaats heeft gekregen. Het opleidingstraject is modulair, van leerling funderingsmedewerker tot uitvoerder funderingswerken. In de werving naar jongeren ligt de nadruk op de uitdagingen die de funderingstechniek biedt. Er is een speciale website www.foundationworld.org. Via SOMA Bedrijfsopleidingen worden cursussen verzorgd. In het hoger kader werken veel hbo’ers en mensen van de TU die de studie Geotechniek hebben gevolgd.
Funderingssector timmert aan de weg
De sector doet er alles om zich goed te manifesteren. Samen met de vakorganisaties en de stichting Arbouw – ook gevestigd op het Bouw & Infra Park - is een arbocatalogus opgesteld waarin veel afspraken staan die voor iedereen gelden, bijvoorbeeld over begaanbaarheid, geluid, keuringen en hijsen. De Koning: “Vooral begaanbaarheid is een probleem op iedere bouw. Als de bouwput is ontgraven en de heier komt, staat die put regelmatig vol met water. De hoofdaannemer is verantwoordelijk voor de totale begaanbaarheid. Samen met hem maken we een plan zodat iedereen zo plezierig mogelijk kan werken. Bijvoorbeeld door het gebruik van draglineschotten.”
Via de NVAF neemt de sector deel in veel, deels Europese, projecten. Bijvoorbeeld GeoBrain, een database waarin binnen heel Europa ervaringen op het gebied van meerdere funderingstechnieken worden verzameld om tot optimale kennisdeling te komen. Er worden afspraken gemaakt over personeelsbeleid, de omgang met leveranciers en het gebruik van bepaalde stoffen in de bodem. En er wordt gewerkt met een Europees ongevallenformulier. Ieder ongeval wordt direct gerapporteerd en de resultaten worden per land bekeken. Zo draagt de NVAF de belangen van de funderingssector uit bij vele organisaties en instellingen in binnen- en buitenland.
Betrokken locaties:< overzicht(woensdag 9 februari 2011, Redactionele artikelen)